Skûtsje van de Week: Grytsje Obes

Vijftien jaar was Romke de Jong van recreatiecentrum De Kuilart bij Koudum een vaste waarde bij de IFKS. Na al die jaren verloor hij de ambitie om zich nog helemaal in te zetten voor de wedstrijden. Zoon Arjen nam daarom in 2016 het helmhout over van het skûtsje dat als eerbetoon genoemd was naar zijn betovergrootmoeder Grietje van Noggeren, die in 1874 trouwde met Sipke Sipkes de Jong.

‘Grytsje Obes’, Koudum

Onderneming, Ora et Labora, Tillvaron, Onderneming, De Vereniging, d’ Halve Maen

Jan Oebeles van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten, 1914

Acht jaar nadat haar man in 1890 overleden was, kreeg de weduwe schipper Haize Jotjes Zeldenrust als echtgenoot. Ze had toen vier zonen en twee dochters; twee waren op jeugdige leeftijd overleden. Grietje, die geboren was in 1854, overleed in 1929. Ze heeft haar hele leven in de regio Koudum-Molkwerum gewoond.

Het skûtsje

De ‘Grytsje Obes’ [L 1362 N] is in 1914 als ‘Onderneming’ op de werf ‘De Nijverheid’ gebouwd voor Hendrik Singstra uit Leeuwarden, maar geboren in Terwispel. Zijn geldschieter was Johannes Justus van Eck uit Leiden, wiens eerste vrouw Jacoba Faber uit Gorredijk kwam. Het was een vrij groot schip van 18,46m lengte en 3,65m breedte met een gemiddelde diepgang van 0,44m. Dat laatste was aan de hoge kant. Het leverde een voor Friese begrippen royaal laadvermogen op van 39,209 ton. Bij tweede meting, in 1932, was het laadvermogen iets groter, namelijk 39,533 ton.

In de magere jaren dertig werden Hendrik en Trijntje Singstra als meerdere collega’s afhankelijk van een gemeentelijke uitkering, waarbij hij de eigendom overdroeg aan het Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijk Hulpbetoon. Die verkocht het vaartuig op 13 juni 1941 voor 2425 gulden aan de Grouster schipper Wiggele Bouma, toen Singstra zelf in het ziekenhuis lag. Bouma voer niet alleen bieten, aardappelen, modder en mest, hij deed ook als hardzeiler mee aan wedstrijden in of bij Grouw. Daar won hij geregeld een prijsje. In 1945 en ’46 zeilde hij in de B-klasse van de toen pas opgerichte SKS. In 1944-’45 lag de ‘Onderneming’ ondergedoken bij boer Germ K. Brouwer in Aldeboarn en later in de Hellingshaven te Grouw.

Wiggeles zoon Hendrik Bouma kocht de ‘Onderneming’ in 1950 van zijn vader en veranderde de naam in ‘Ora et Labora’. Maar omdat Hendrik het hoofd niet boven water kon houden, verkocht hij het schip terug aan zijn vader, die er dochter Bonnie met haar man Folkert de Jong op liet wonen. Het schip, omgebouwd tot woonark, heette toen ‘Tillvaron’, Zweeds voor ‘ons bestaan’. Folkert, scheepskapitein op een op Zweden varend houtschip, werd in 1956 eigenaar. Drie jaar later verkocht hij de ark aan coasterkapitein Geert Dijk in Delfzijl voor zesduizend gulden. Een jaar later was duwbootschipper Albert Zwerver eigenaar van wat nu weer de ‘Onderneming’ heette. Hij woonde met zijn vrouw Riek in Amsterdam.

Als ‘plezierwoonboot’ De Vereniging was het schip vervolgens eigendom van Alexander Vogel, in Haarlem. Via Ton Brundel kwam het in 1992 in handen van de Commissie d’Halve Maen, met Pieter Jansz Brouwer als schipper. Bij Fritimco Scheepsbetimmeringen in Burgum werd het met 1,19m verlengd tot 19,64m over de stevens. Dubbelingen werden verwijderd, het hele schip gestraald. Desondanks zat er het eerste jaar niet meer in dan een elfde plaats. Daarom besloot de d’Halve Maencommissie tot weer een verlenging, nu met 45cm tot 20,09m. Schipper Brouwer reikte ermee tot het linkerrijtje: 6, 12, 7, 5, 5, 12, 5, 6.

Bij de IFKS

Toen werd, in het jaar 2001, Romke de Jong eigenaar, voor 250.000 gulden. Hij, eigenaar van de Kuilart, gebruikte het skûtsje samen met de ‘Roos van Dekema’ [L 1146 N] als charter- en wedstrijdschip. Om optimaal te presteren verlengde Piet ten Woude het schip nu tot 20,62m. Ook werd een nieuwe mast geplaatst. In 2002 promoveerde De Jong na een vierde plaats van de B- naar de A-klasse, in 2005 degradeerde hij (16e), om in 2012 met een derde plaats weer te promoveren. In het zeil stond al die tijd het inspirerende teken GO, van ‘Grytsje Obes’ natuurlijk.

Op 11 mei 2013 sloeg de ‘Grytsje Obes’ tijdens Lemmer Ahoy om, met grote schade als gevolg: het durkslûk was verdwenen, de mast en een zwaard gebroken. Romke de Jong had toen al een bijdrage geleverd tot redding van de IFKS als organisatie, door mee te werken aan de oprichting van een businessclub. Daarin is hij altijd een van de stuwende factoren geweest.

In 2014 werd de ‘Grytsje Obes’ laatste in de A-klasse. Een nieuwe schipper, de jonge zoon Arjen de Jong, moest in 2016 onderaan beginnen, in de C-klasse. Hij werd met hulp van zijn oom Lieuwe, de stuurman, derde, zodat de combinatie direct weer promoveerde naar de B’s. Daar hoort dit skûtsje minstens thuis. En wellicht zit er nog meer in.

Romke hoeft dus zelf niet meer te sturen. Hij heeft voor een andere weg gekozen, ook met zijn bedrijf. Want ‘De Kuilart’ is inmiddels overgedragen aan de gebroeders Bleckman.

  

Opdrachtgever: Hendrik Singstra, Leeuwarden

Registratienummer: L 1362 N / L 2333 N

Eigenaar: Romke de Jong, Koudum

Schipper: Arjen de Jong , Koudum

Lengte over de Stevens:  20,62

Breedte: 3,65

Holte: 1,13

Tonnage: 45

Gebruik: Wedstrijd / Charter

 


Afdrukken   E-mailadres